Welke diensten en instellingen moeten verwittigd worden bij een overlijden

 

Financiële instellingen van de overledene

Bij het overlijden worden door de financiële instelling alle tegoeden en de kluis van de overledene geblokkeerd, meestal zelfs van beide echtgenoten.
Alle door de overledene gegeven volmachten vervallen.
Onmiddellijk na ontvangst van het bericht van overlijden moet de financiële instelling de nodige maatregelen treffen. De kennisgeving van overlijden kan door iedereen gedaan worden, dus niet alleen door de familie.

De achterblijvende partner kan van alle rekeningen tesamen de helft van het bedrag afhalen met een maximum van 5.000 euro, vanaf de datum van overlijden t.e.m. de ontvangst van een attest van erfopvolging (Burgerlijk Wetboek 2009).
Dit attest dient te worden aangevraagd aan het registratiekantoor van de laatste woonplaats van de overledene, samen met een overlijdensuittreksel en desgevallend het trouwboekje.

Een attest van erfopvolging opgesteld door het registratiekantoor of een akte van erfopvolging opgesteld door een notaris vermelden duidelijk wie er aanspraak maakt op de tegoeden van de overledene.
Men aanvaardt enkel een notariële akte en geen attest bij de aanwezigheid van een testament, minderjarige kinderen of een huwelijkscontract voor de overlevende echtgeno(o)t(e).

Voor meer informatie kan u terecht op de site van de federale overheidsdienst: "Deblokkeren van bankrekeningen"
www.minfin.fgov.be
( Home → Thema’s →Gezin→Overlijden )

U kan het aanvraagformulier erfopvolging hier opvragen of bekomen via ons.

 

Aangifte nalatenschap

Bij het overlijden van een persoon in België vóór 1 augustus 2012 diende de aangifte van nalatenschap te gebeuren binnen de 5 maanden na het overlijden. Hier is verandering ingekomen en nu moet voor elk overlijden in België sinds 1 augustus 2012 de aangifte van nalatenschap gebeuren binnen de 4 maanden na het overlijden.                                                                                         

Voor een overlijden in het buitenland gelden andere termijnen, zie www.minfin.fgov.be (Home-Thema's-Gezin-Overlijden)

De aangifte dient te gebeuren bij het kantoor der Registratie van de laatste woonplaats van de overledene.
Vanaf 2007 verdwenen de successierechten op de gezinswoning voor langstlevende echtgeno(o)t(e) of voor hij/zij die met de overledene samenwoonde.
De langstlevende echtgeno(o)t(e) dient in Vlaanderen niet langer successierechten te betalen op het eigen deel in de gezinswoning.

Hierbij een idee van de huidige percentages successierechten op het gedeelte van het nettoaandeel. (Woonplaats van de overledene in het Vlaams Gewest):

  • in rechte lijn (kinderen, kleinkinderen, ouders, grootouders) en tussen echtgenoten of samenwonenden:
    van 0 tot 50.000 euro : 3%
    50.000 euro tot 250.000 euro : 9%
    boven 250.000 euro : 27%
  • tussen broers/zussen:
    van 0 tot 75.000 euro : 30%
    75.000 euro tot 125.000 euro : 55%
    boven 125.000 euro : 65%
  • tussen wat niet van toepassing is hierboven of ooms/tantes en neven/nichten:
    van 0 tot 75.000 euro : 45%
    75.000 euro tot 125.000 euro : 55%
    boven 125.000 euro: 65%

Voor meer informatie kan u terecht op de site van de federale overheidsdienst: "Aangifte nalatenschap en successieaangifte"
www.minfin.fgov.be
( Home → Thema’s →Gezin→Overlijden )

 

Testament

De overledene kan eigenhandig of bij een notaris een testament hebben opgemaakt.
Indien u wenst na te vragen of de overledene een testament liet registreren kunt u dit persoonlijk of via een notaris aanvragen bij het registratiekantoor van de laatste woonplaats.

Men kan ook navraag doen bij het CRT (Centraal Register voor Testamenten), Bergstraat 30-32, 1000 Brussel - Tel 02 505 08 46

 

Mutualiteit

Vanaf 2013 is er geen tussenkomst meer voorzien vanwege de mutualiteit.

Een uittreksel van overlijden is gewenst.

De SIS-kaart van de overledene moet binnengeleverd worden bij de mutualiteit en de eventueel overlevende echtgenote moet alles in orde brengen voor haar eigen aansluiting.

 

Pensioen

Wanneer de overledene een pensioen genoot van de Rijksdient voor Pensioenen (Zuidertoren) wordt deze dienst automatisch ingelicht door de bevolkingsdienst van de woonplaats van de pensioengerechtigde overledene.
U hoeft hiervoor zelf niets te doen.
De langstlevende echtgeno(o)t(e) of samenwonende partner heeft recht op de pensioenuitkering van de maand van overlijden.

Betreft het een overheidspensioen of buitenlands pensioen, dan is het best dat men contact opneemt met deze instantie.

Voor de aanvraag van een overlevingspensioen, overheidspensioen of bijkomend pensioen moet men wel zelf contact opnemen.

 

Werkgever

Eventueel vakbond en beroepsorganisatie.

 

Zelfstandige ondernemers

  • Kruispuntbank en Ondernemingsnummer
  • Diensten van BTW en Belastingen
  • Sociale kas
  • ...

 

Andere diensten

  • Electriciteit - Gas - Water - Telefoon - Gsm - TV- Internet en andere nutsvoorzieningen : Opheffing of overdracht
  • Auto - moto: eventueel via verzekeringsmaatschappij en terugzending van de nummerplaat, verkeersbelasting
  • Verzekeringsmaatschappijen oa brand, familiale, levensverzekering, overlijdensverzekering, groepsverzekering
  • Leningen - Verhuurmaatschappij - Domiciliëringen - Bestendige opdrachten
  • Diverse uitkeringen: oa Kinderbijslag, invaliditeitsvergoeding, arbeidsongeval, beroepsziekte
  • Abonnementen - Lidmaatschappen

 

Orgaandonatie en schenking van het lichaam aan de wetenschap

De orgaandonatie gebeurt volgens de Belgische wet automatisch: artsen kunnen, met inachtname van bepaalde procedures, organen wegnemen bij ieder overleden persoon die hiertegen tijdens zijn/haar leven niet uitdrukkelijk verzet heeft aangetekend bij de gemeente van zijn woonplaats.
Via het nationaal register kan dit verzet worden geconsulteerd door ieder ziekenhuis.

De beslissing om zijn lichaam te schenken aan de wetenschap is een persoonlijke beslissing en men heeft hiervoor reeds vooraf toestemming gegeven.
Als dat het geval is moet men zo snel mogelijk contact opnemen met de bevoegde diensten want het lichaam moet binnen de 48 uur na het overlijden aan hen worden overgedragen.
Er is dan wel nog mogelijkheid om een afscheidsplechtigheid te houden maar het lichaam is dan niet meer aanwezig.
Na verloop van het onderzoek kan het lichaam nog worden begraven of gecremeerd.
Dit moet van in het begin met de nabestaanden besproken worden indien ze wensen aanwezig te zijn.

 

Dit is slechts een leidraad. Afhankelijk van de situatie zal er meer of minder moeten verwittigd en geregeld worden en blijven wij steeds ter beschikking voor nadere informatie.